zondag 5 september 2010
Home »   Congres » Alle sessiebeschrijvingen
Snel naar

Alle beschrijvingen

Het inhoudelijk programma is opgebouwd uit verschillende onderdelen.

Plenaire sessies
Op donderdag 23 september en vrijdag 24 september zullen de drie keynote sprekers een plenaire voordracht verzorgen.

Meet-the-Expertsessies
Op donderdag- en vrijdagochtend start het programma vroeg met Meet-the-expert sessies, waarin rond een thema gediscussieerd wordt met een expert. In een aantal sessies zullen de keynote sprekers aanwezig zijn.

Themasessies
In vier rondes van ieder vier themasessies komen specifieke thema's aan de orde. Per sessie zullen verschillende sprekers hun licht laten schijnen over over het betreffende onderwerp.

Workshops 
In het programma zijn 4 workshops opgenomen. Een gelimiteerde groep kan hierin actief aan de slag met casuistiek.

Vrije presentaties 
Drie sessies in het programma zijn bestemd voor korte presentaties die op basis van ingezonden abstracts zijn geselecteerd.

  

1. Opening

Datum 22 september 2010
Tijd 20.00 - 22.00 uur
Soort Plenaire sessie
Zaal EUROPA
Voorzitter

Terug naar overzicht programma

  

2. Ethiek en spirituele zorg

Datum 23 september 2010
Tijd 08.00 - 08.45 uur
Soort Meet-the-expert
Zaal EUROPA
Expert dhr. dr. C.J.W. Leget

 

Carlo Leget is voorzitter van de agora ethiek en spirituele zorg. Vanuit deze agora worden initiatieven genomen tot verdere verdieping van inzichten op het gebied van ethische vraagstukken en spirituele zorg . Ook wordt aanwezige ervaring en kennis verspreid via artikelen en uitgewisseld via werkconferenties.

In deze sessie is het mogelijk in discussie te gaan over bijvoorbeeld de richtlijn spirituele zorg die net uit is, maar deelnemers kunnen ook zelf onderwerpen op het gebied van ethiek en spirituele zorg inbrengen voor discussie.

  

Terug naar overzicht programma

  

3. Bewust versterven: de oudste palliatieve weg?

Datum 23 september 2010
Tijd 08.00 - 08.45 uur
Soort Meet-the-expert
Zaal AZIË
Voorzitter dhr. dr. B. Chabot

 

Hoe gaan ernstig zieke ouderen met een weloverwogen doodswens om (thuis of in het verpleeghuis)? Soms besluiten zij hun sterven te bespoedigen. Wie nemen zij daarbij in vertrouwen? Daarover brachten Boudewijn Chabot en Stella Braam verslag uit in hun boek ‘Uitweg. Een waardig levenseinde in eigen hand’ (2010).

Tot zijn pensioen werkte Chabot in de psychiatrische ouderenzorg. Ouderen durven hun arts niet altijd in vertrouwen te nemen over hun doodswens, maar wel een verzorgende of verpleegkundige. Dan worden deze ouderen van het kastje naar de muur gestuurd, omdat weinig verpleegkundigen precies weten hoe je het sterven zelf kunt sturen, bijvoorbeeld door te stoppen met eten en drinken.

Met doodswensen omgaan is moeilijk en je moet dat ook niet alleen doen. De ochtendsessie met Chabot ‘meet the expert’ en zijn aansluitende voordracht gaan dieper in op deze gevoelige zaken.

 

Terug naar overzicht programma

  

4. Jo Hockley: The Visible and Invisible Process of Dying

Datum 23 september 2010
Tijd 08.00 - 08.45 uur
Soort Meet-the-expert
Zaal AFRIKA
Voorzitter mw. J. Hockley - St Christopher's Hospice

 

This ‘meet the expert’ session will concentrate on sharing knowledge about the process of dying (the last 48hrs of life). It will highlight 3 stages of dying: recognising dying, peripheral shutdown and central shutdown. This session will also give an opportunity to share experiences from within a framework first used by a Lutheran Theologian (Hampe, 1970) about some of the more invisible aspects when ‘exiting the body’; such things as ‘a time to go’ ‘choosing to go’ ‘permission to go’ being accompanied in the going’.

Terug naar overzicht programma

  

5. Wanneer ouderen verlangen naar de dood

Datum 23 september 2010
Tijd 09.00 - 09.45
Soort Plenaire sessie
Zaal EUROPA
Voorzitter dhr. dr. B. Chabot

 

Hoe gaan ernstig zieke ouderen met een weloverwogen doodswens om (thuis of in het verpleeghuis)? Soms besluiten zij hun sterven te bespoedigen. Wie nemen zij daarbij in vertrouwen? Daarover brachten Boudewijn Chabot en Stella Braam verslag uit in hun boek ‘Uitweg. Een waardig levenseinde in eigen hand’ (2010).

Tot zijn pensioen werkte Chabot in de psychiatrische ouderenzorg. Ouderen durven hun arts niet altijd in vertrouwen te nemen over hun doodswens, maar wel een verzorgende of verpleegkundige. Dan worden deze ouderen van het kastje naar de muur gestuurd, omdat weinig verpleegkundigen precies weten hoe je het sterven zelf kunt sturen, bijvoorbeeld door te stoppen met eten en drinken.

Met doodswensen omgaan is moeilijk en je moet dat ook niet alleen doen. De ochtendsessie met Chabot ‘meet the expert’ en zijn aansluitende voordracht gaan dieper in op deze gevoelige zaken. 
 

Terug naar overzicht programma

  

6. De oudere patiënt centraal

Datum 23 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Themasessie
Zaal EUROPA
Voorzitter mw. G. Abrahamse

Terug naar overzicht programma

  

7. Vrije presentaties: symptoombestrijding

Datum 23 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Vrije presentaties
Zaal AZIË
Voorzitter dhr. prof. dr. W.W.A. Zuurmond


Terug naar overzicht programma

  

Palliactief 1

Datum 23 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Themasessie
Zaal AFRIKA
Voorzitter

Terug naar overzicht programma

  

10. Workshop: moreel beraad

Datum 23 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Workshop
Zaal 3/4
Voorzitter mw. H.Y. van Tol, Msc

Terug naar overzicht programma

  

11. Palliatieve zorg voor diverse doelgroepen (Agora)

Datum 23 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Themasessie
Zaal 4/5
Voorzitter

De sessie wordt gevuld vanuit verschillende werkgroepen en Agora's met de volgende onderwerpen:

  • Palliatieve terminale zorg in de GGz
  • Oudere psychiatrische patiënten
  • Stimulering goede palliatieve zorg in de VGZ
  • Palliatieve zorg voor oudere verslaafden
  • Palliatieve zorg thuis bij allochtone patiënten

Palliatieve terminale zorg in de GGZ
Er is een grote discrepantie in de omstandigheden waaronder een “niet psychiatrisch zieke”mens kan sterven en de laatste dagen van een psychiatrische patiënt in een GGz instelling. In deze bijdrage kunt u verwachten:
Een schets van de stand van zaken bij de Symfora groep: Korte uitleg van de historie m.b.t. palliatieve zorg in de Symfora groep. Wat zijn de rollen van de verschillende disciplines?
Centrale thema’s in de GGZ:
1. Gedrag van patiënten (ziekte-inzicht, onrust).
2. Communicatie met patiënten (omzichtig, verstoord door gevolgen psychiatrische ziekte, cultuur).
3. Sociaal netwerk van patiënten (verschraald, teleurstellingen).
4. Lichamelijke aspecten (pijnbeleving, aangeven van klachten).
Wat zijn plannen voor de toekomst:
Ontwikkeling van module/training voor vrijwilligers en betrokken bij ontwikkeling module professionals.
Realiseren van palliatieve unit met 2 tot 3 bedden
Kennis en ervaring binnen en buiten de instelling uitdragen
Werkwijze vastleggen in een handleiding

Stimulering goede palliatieve zorg in de Verstandelijk Gehandicapten Zorg (VGZ) 
De meeste mensen willen het liefst sterven in hun eigen, vertrouwde, omgeving. Mensen met een verstandelijke beperking hechten meestal (nóg) meer dan andere mensen aan hun vertrouwde omgeving. Zoals ook bij niet verstandelijk beperkte mensen is er in de terminale fase van een mens met een verstandelijke beperking vaak veel intensieve zorg, aandacht en ondersteuning nodig. Ook de medebewoners en familie van de stervende hebben in deze fase vaak behoefte aan extra aandacht. Tot nu toe worden VPTZ-vrijwilligers (Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg) nauwelijks ingezet bij de zorgverlening aan mensen met een verstandelijke beperking die terminaal zijn. Vanuit die vaststellingen is in 2008 het project ‘Samen er zijn; palliatieve zorg voor mensen met een verstandelijke beperking door VPTZ-vrijwilligers’ gestart. In het project werken VPTZ Oost Gelderland en de stichting Zozijn samen aan het creëren van inhoudelijke, organisatorische, en financiële voorwaarden om VPTZ vrijwilligers ondersteuning te laten bieden aan mensen met een verstandelijke beperking in de laatste levensfase. Tijdens de sessie zal door Paula Matla, projectcoördinator en beleidsmedewerker van het Landelijk Steunpunt VPTZ verslag gedaan worden van zowel de voortgang als van de uitkomsten van het project

Palliatieve zorg voor oudere verslaafden
Als casemanager in de chronische, ouderenverslavingszorg hanteer ik een palliatieve attitude. Wat dat voor mij inhoudt vertel ik u graag in deze sessie. Ook zal aan de orde komen wat palliatieve zorg aan verslaafden anders maakt dan reguliere palliatieve zorg en wat je zoal in de praktijk tegenkomt.

  • mw. C. ter Huurne, casemanager Tactus verslavingszorg

Palliatieve zorg thuis bij allochtone patiënten
“Ben ik wel voldoende toegerust om goede ondersteuning te bieden aan stervende migranten, moet ik daarvoor niet veel meer weten?” “Wat speelt er eigenlijk bij allochtone gezinnen rond de laatste levensfase en wat willen migranten(-organisaties) rond het onderwerp ‘zorg voor stervenden’?” “Willen we als organisatie aandacht besteden aan etnische diversiteit en zo ja, hoe dan?” Deze en andere vragen kwamen naar voren tijdens het diversiteitsproject van VPTZ Nederland. In deze sessie laat VPTZ Nederland zien hoe de organisatie met die vragen is omgegaan, als inspiratie voor deelnemers om (verder) op zoek te gaan naar hun eigen antwoorden op hun eigen vragen met betrekking tot palliatieve zorg bij allochtone families thuis.”

  • Mw drs W.J. Somsen (Landelijk Steunpunt VPTZ)

Informatie over de andere thema's volgt.

Terug naar overzicht programma

  

12. Jo Hockley

Datum 24 september 2010
Tijd 09.00 - 09.45 uur
Soort Plenaire sessie
Zaal EUROPA
Spreker mw. J. Hockley - St Christopher's Hospice

Developing high quality end of life care for older people in nursing care homes – challenges and possible solutions

More and more frail older people are dying in nursing homes. However, there are reports that there is concern over the lack of knowledge in end of life care. Two independent nursing homes (NH1, NH2a & NH2b) volunteered to take part in an action research study to develop high quality end of life care. In each nursing home, an exploratory phase was undertaken using focus groups, interviews, participant observation, and documentary analysis. This exploratory work confirmed specific contextual and clinical issues related to end-of-life care and highlighted that dying was peripheral to the nursing home culture where the emphasis was on functional rehabilitation. In each home, an initiative, inductively derived from discussion with staff and based on the exploratory phase, was devised and implemented. In the first nursing home, the initiative entailed development of ‘collaborative learning groups’ (CLGs) which took place following the death of a resident; in the second home, the adaptation and introduction of an ‘integrated care pathway (ICP) for the last days of life’ to be used prior to the death of a resident, provided a system around which high quality end-of-life care could be promoted. Both actions were evaluated. These initiatives enabled a greater openness towards death and dying in both nursing homes.

A model for developing practice is presented combining these two inductively derived initiatives that acknowledge the importance of both the lifeworld of staff in their care of dying residents and their families and the nursing home system. This model, and the process of undertaking the action research, is discussed in relation to Habermas’s Theory of Communicative Action – a substantive theory of ‘system’ and ‘lifeworld’.

Terug naar overzicht programma

  

13. Kwetsbare ouderen

Datum 23 september 2010
Tijd 14.45 - 16.15 uur
Soort Themasessie
Zaal EUROPA
Voorzitter dhr. prof. dr. M.G.M. Olde Rikkert

Palliatieve zorg wordt steeds meer gegeven aan kwetsbare ouderen. Triage in de groep niet-kwetsbare en kwetsbare ouderen geeft daarbij aan wie wel en wie niet palliatieve en oncologische zorg volgens de standaard richtlijnen dient te krijgen.
In dit symposium wordt allereerst aangegeven wat deze tweedeling in prognostische zin betekent, met name in de voorspelling van levensverwachting bij kanker.
Vervolgens wordt een in de geriatrie al beproefd model van aanpassing van palliatieve en oncologische zorg aan kwetsbaarheid besproken.
Tot slot wordt ingegaan op een de noodzaak van continuïteit van informatie tussen de betrokken behandelaars, mantelzorgers en patiënt in de complexe multidisciplinaire palliatieve zorg die noodzakelijk is bij kwetsbaarheid. Als primeur wordt het prototype van de Zorg- en WelzijnsPas gepresenteerd, zoals we die nu ontwikkelen en evalueren in het Nationaal Programma Ouderenzorg.

De sprekers zullen zowel achtergrondkennis als praktisch bruikbare eye openers presenteren.

  • Opening - prof. dr. M.G.M. Olde Rikkert, UMC St Radboud
  • Frailty als prognosticum bij palliatieve zorg - drs. ir. J. Lagro, geriater-ingenieur, UMC st Radboud
  • Frailty en borstkanker behandeling: het shared care model - drs. H.A.A.M. Maas, geriater, Tweestedenziekenhuis Tilburg
  • Frailty en complexiteit in palliatieve zorg: Zorg- en WelzijnsPas als model voor continuïteit van informatie - drs S.H.M. Robben, arts-onderzoeker en aios klinische geriatrie, UMC st Radboud
Terug naar overzicht programma

  

14. Vrije presentaties: psychosociale en spirituele zorg

Datum 23 september 2010
Tijd 14.45 - 16.15 uur
Soort Vrije presentaties
Zaal AZIË
Voorzitter dhr. dr. C.J.W. Leget

Terug naar overzicht programma

  

15. Goede Zorg, tussen Doen en Laten! (ZonMw)

Datum 23 september 2010
Tijd 14.45 - 16.15 uur
Soort Themasessie
Zaal AFRIKA
Voorzitter dhr. drs. C. Goedhart


Palliatieve zorg: Een van de thema’s van het ZonMw programma Palliatieve Zorg gaat over de onderbouwing, ontwikkeling en inhoud van het zorgmodel van Lynn en Adamson. Dit model legt er de nadruk op dat palliatieve zorg niet beperkt wordt tot de terminale fase maar dat de palliatieve zorg vroegtijdig wordt ingezet. Deze visie onderschrijft daarmee dat iedere hulpverlener die te maken heeft met patiënten met een ongeneeslijke levensbedreigende aandoening de principes van palliatieve zorg moet kennen. Daarnaast moeten deze hulpverleners over de basiscompetenties beschikken om tijdig de patiënt die palliatieve zorg behoeft, te herkennen en palliatieve zorg te kunnen verlenen, zo nodig hand in hand met curatieve zorg. Consequent doorgevoerd voorkomt deze wijze van handelen dat palliatieve zorg in een eindtraject vooral als sluitstuk en crisiszorg wordt ingezet. Daarnaast kunnen onnodig dure en belastende op de ziekte gerichte interventies met beperkte effectiviteit afgewogen worden tegenover comfort van de patiënt.

Voordat dit zorgmodel breed wordt ingevoerd, dienen een aantal pilots te gaan lopen met onderzoeksvragen over de onderbouwing, ontwikkeling en inhoud van dit zorgmodel. Immers, er bestaat nog nauwelijks evidentie over hoe een dergelijke proactieve aanpak de kwaliteit van leven van patiënten in hun laatste levensfase beïnvloedt. Daarnaast is voor de Nederlandse situatie niet duidelijk wat de kosten of baten van een dergelijke aanpak zijn.

Een tiental projectgroepen is de uitdaging aangegaan. Zij zijn allen op hun eigen manier aan de gang gegaan! Na een korte introductie over het zorgmodel van Lynn en Adamson stellen de projectleiders hun project kort voor. Hierna worden de projectleiders uitgenodigd om deel te nemen aan een ‘rondom 10’ gesprek. Om een verbinding te leggen tussen de projecten wordt een aantal gemeenschappelijke thema’s uitgelicht en voorgelegd aan de groep. De zaal wordt van harte uitgenodigd mee te discussiëren!

Terug naar overzicht programma

  

16. Interculturele palliatieve zorg

Datum 23 september 2010
Tijd 14.45 - 16.15 uur
Soort Themasessie
Zaal AMERIKA
Voorzitter

Interculturele Palliatieve Zorg: De zorg voor stervenden en hun naasten in een multiculturele samenleving

Goede palliatieve zorg voor ouderen met een allochtone achtergrond en hun naasten: Hoe doe je dat? En is die zorg anders dan anders? Wat kun je hierbij leren van ervaringen van collega's, beroepskrachten en vrijwilligers? Het Landelijk Steunpunt van de vereniging Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg Nederland heeft in het project “Het gesprek aangaan” veel kennis verzameld en producten ontwikkeld om goede palliatieve zorg in de context van een multiculturele samenleving vorm te kunnen geven. In het project “Interculturele palliatieve zorg”, waarin wordt samengewerkt met Bureau Kwiek en E-n-T Partners, worden enkele beroepsmatige zorgorganisaties en netwerken palliatieve zorg concreet ondersteund op dit terrein.

De sessie gaat van start met een korte presentatie van de belangrijkste inzichten en resultaten uit deze projecten. Vervolgens gaan de deelnemers zelf aan de slag met een aantal belangrijke elementen uit de interculturele palliatieve zorg. Doel van de bijeenkomst is om nieuwe inspiratie en praktische handvatten op te doen om in de eigen werksituatie interculturele palliatieve (ouderen)zorg vorm te geven.

  • Patricia van den Brink (Bureau Kwiek)
  • Nicolet van Eerd (E-n-T Partners)
  • Jos Somsen (Landelijk Steunpunt VPTZ)

Terug naar overzicht programma

  

17. Workshop: de nurse practitioner in de palliatieve zorg

Datum 23 september 2010
Tijd 14.45 - 16.15 uur
Soort Workshop
Zaal 3/4
Voorzitter mw. P. Voerman

 

De nurse practitioner is een in Nederland relatief nieuw verpleegkundig beroep op masterniveau. Nurse practitioners worden opgeleid om als verpleegkundig specialist medische en verpleegkundige taken te combineren. Zorg en behandeling worden door hen geïntegreerd aangeboden ter bevordering van de continuïteit en kwaliteit van zowel verpleegkundige als medische zorg.
De nurse practitioner onderscheidt zich van verpleegkundigen door haar deskundigheid op het gebied van verpleegkunde, geneeskunde en wetenschap. Door de verschillende rollen en taken zijn nurse practitioners in staat het totale zorgtraject voor patiënten met complexe problematiek te overzien.

  • Wat betekent dit voor de palliatieve zorg?
  • Op welke wijze kan deze discipline meerwaarde bieden in de zorg in de palliatieve fase?
  • Wat betekent dit voor de patiënt?
  • Op welke wijze kunnen behandelteams van de verschillende (palliatieve) zorgsettings de veelzijdigheid van de nurse practitioner ten volle benutten?
  • Welke ontwikkelingen kunnen we hierin verwachten in de toekomst?

In de workshop zal een algemene inleiding worden gegeven in de opleiding en de registratie van de nurse practitioner. Vervolgens zal in kleinere groepjes in gesprek gegaan worden over hoe nurse practitioners in verschillende werkvelden (thuiszorg, academisch ziekenhuis, hospice) hun deskundigheid inzetten voor palliatieve zorg. We zullen met elkaar tot een conclusie komen over de meerwaarde die de nurse practitioner heeft en kijken naar het toekomstperspectief van deze veelzijdige professional.

Workshopleiders:

  • mw. P. Voerman, Laurens Cadenza te Rotterdam
  • mw. H.A. Guldemond-de Jong, Zorgbrug te Boskoop
  • mw. H. van Dijk, , Erasmus MC, Rotterdam

Terug naar overzicht programma

  

18. Voltooid leven? (CSO)

Datum 23 september 2010
Tijd 14.45 - 16.15 uur
Soort Themasessie
Zaal 4/5
Voorzitter mw. G. Abrahamse

 
De ouderenorganisaties nemen vanaf het begin actief deel aan de door de NVVE begin februari 2010 geïnitieerde maatschappelijke discussie over ‘voltooid leven’. Terecht brengt de NVVE de discussie over dit onderwerp onder de aandacht. Het onderwerp ligt echter gevoelig en niet alleen in christelijke kringen. Ook artsen zetten hun vraagtekens bij de oplossing van de NVVE en de intiatiefgroep “Uit vrije wil”.

Zij stellen: “Onder de term 'voltooid leven' lijken verschillende problemen samen te worden gebracht. Zo is er de maatschappelijke verlegenheid met ouderen die het leven moe zijn en pillen sparen. Maar ook is er de visie van vitale vijftigers en zestigers die helemaal nog niet klaar zijn met het leven, maar alle vrijheid willen hebben op het moment dat het wel zover is.” (Medisch Contact, 4 maart 2010)

Zowel de ouderenorganisaties als de artsen zijn van mening dat het gaat om een zingevingprobleem, en dat is per definitie nooit individueel, ook al verwijst de NVVE nadrukkelijk naar het zelfbeschikkingsrecht van mensen.

In deze thema sessie staan we met elkaar stil bij dit lastige vraagstuk. Zowel vanuit de zijde van de ouderenorganisaties als de artsen wordt een bijdrage geleverd. Aansluitend gaan de sprekers in op vragen van de deelnemers.
 

Terug naar overzicht programma

  

19. Psychosociale hulp voor kwetsbare ouderen

Datum 24 september 2010
Tijd 08.00 - 08.45 uur
Soort Meet-the-expert
Zaal EUROPA
Voorzitter mw. prof. dr. M.J.F.J. Vernooij-Dassen

 
Er is groeiend bewijs voor de effectiviteit van psychosociale steun bij kwetsbare ouderen. In zorgsituaties gaat het daarbij niet alleen om steun aan de oudere zelf, maar ook aan de mantelzorger. Ondersteuning is het meest effectief als deze gericht is op de persoonlijke behoeften aan steun, intensief is en de gelegenheid biedt om samen keuzen te maken. Effectieve interventies kunnen de kwaliteit van leven drastisch verbeteren, depressie verminderen en de competentie gevoelens van mantelzorgers versterken.
 

Terug naar overzicht programma

  

20. MtE 5

Datum 24 september 2010
Tijd 08.00 - 08.45 uur
Soort Meet-the-expert
Zaal AZIË
Voorzitter

Terug naar overzicht programma

  

21. MtE 6

Datum 24 september 2010
Tijd 08.00 - 08.45 uur
Soort Meet-the-expert
Zaal AFRIKA
Voorzitter

Terug naar overzicht programma

  

22. Palliatieve zorg voor ouderen: doet de leeftijdsfase ertoe?

Datum 24 september 2010
Tijd 13.30 - 14.15 uur
Soort Plenaire sessie
Zaal EUROPA
Voorzitter mw. prof. dr. M.J.F.J. Vernooij-Dassen

 
De eindigheid van het leven is een grote zekerheid voor iedereen. Voor degenen die niet plotseling overlijden is er een periode waarin het naderend einde bekend is en men daarmee moet leren leven. Palliatieve zorg is gericht op het bevorderen van de kwaliteit van leven in deze laatste levensfase. De kwaliteit van leven van mensen die palliatieve zorg ontvangen zou beïnvloed kunnen worden door de leeftijdsfase. Welke verschillen doen zich voor in de kwaliteit van leven tussen oudere en jongere mensen die palliatieve zorg ontvangen? Welke consequenties kunnen hieruit worden getrokken?

Oudere patiënten ( 60 jaar of ouder) blijken minder problemen te hebben dan jongere patiënten (< 60), met name minder sociale en psychologische problemen. Opmerkelijk is dat oudere patiënten minder problemen hebben dan jonger patiënten met betrekking tot: problemen in contacten met kinderen (10%, versus 41%); te weinig ervaren steun (10% versus 32%); depressieve stemming (55% versus 82%); en angst voor fysiek lijden (58% versus 85%).

De sociale en psychologische bronnen waarover ouderen beschikken zijn niet duidelijk beter dan die van jongeren. De verwachting hoe het leven hoort te zijn, verandert echter wel met het ouder worden. Uit onze gegevens blijkt ook dat mensen met vergelijkbare medische problemen hun kwaliteit van leven heel verschillend kunnen ervaren. Voor jongere patiënten is het moeilijker om te accepteren dat hun laatste levensfase is ingetreden. Ouderen kunnen de palliatieve fase van hun zorg beter accepteren en komen hierbij sterker naar voren komen.

De hulpverlening maakt hier weinig gebruik van. Zij is vooral gericht op het aanpakken van problemen en nog veel te weinig op het gebruik maken van de potentie van de patiënten. Het bekrachtigen dat men goed met een moeilijke situatie omgaat kan een gunstige invloed hebben op de kwaliteit van leven.

De leeftijdsfase doet ertoe in de palliatieve zorg. Niet in de zin dat extra zorg moet worden ingezet voor ouderen, maar dat beter gebruik kan worden gemaakt van hun levenservaring en hun kracht om met deze moeilijke situatie om te gaan.

De kwaliteit van zorg kan worden verbeterd door meer rekening te houden met de potentie van patiënten. Dit basale principe verdient meer aandacht en zou ook vorm moeten krijgen in de kwaliteitsindicatoren die voor palliatieve zorg worden opgesteld.
 

Terug naar overzicht programma

  

23. Meetinstrumenten

Datum 24 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Themasessie
Zaal EUROPA
Voorzitter dhr. prof. dr. L. Deliens - Expertisecentrum Palliatieve Zorg (VU Medisch Centrum), Amsterdam

 
Meten is weten, maar goed meten is meer weten en/of beter weten. De palliatieve zorg is een betrekkelijk jonge discipline zowel het klinisch werk als de wetenschap. Het gevolg is dat er nog betrekkelijk weinig goede meetinstrumenten zijn ontwikkeld en dat er meetinstrumenten dienen gebruikt te worden die nog niet toegepast of gevalideerd zijn voor patiënten in de palliatieve faze. In deze sessie wordt aandacht besteed aan het zorgvuldig gebruik van meetinstrumenten in de palliatieve zorg. Zorgvuldig gebruik start bij de vraag hoe een instrument te selecteren? Daarbij moeten we ons durven afvragen of een kenmerk of proces in de palliatieve zorg überhaupt te meten is. Als het antwoord ja is, dan moeten we in de eerste plaats uitkijken naar bestaande instrumenten. Als er geen instrumenten beschikbaar zijn, moeten we dit misschien zelf ontwikkelen. Al deze aspecten rond gebruik van meetinstrumenten komen aan de orde in deze sessie.

  • Michael Echteld, Expertisecentrum Palliatieve Zorg, Afdeling Sociale Geneeskunde, VU medisch centrum, Amsterdam
    Selectie, vertaling en gebruik van meetinstrumenten in de Palliatieve Zorg?
  • Marie-José Gijsberts, Expertisecentrum Palliatieve Zorg, Afdeling Verpleeghuisgeneeskunde, VU medisch centrum, Amsterdam
    Is 'spirituele zorg' aan het levenseinde van patiënten in verpleeghuizen meetbaar?
  • Gwenda Albers, Expertisecentrum Palliatieve Zorg, Afdeling Sociale Geneeskunde, VU medisch centrum, Amsterdam
    Instrumenten voor het meten van kwaliteit van leven van patiënten in de palliatieve zorg
  • Yvonne Engels en Kris Vissers, Kenniscentrum Palliatieve Zorg, Afdeling Anesthesiologie, Pijn en Palliatieve geneeskunde, UMC St Radboud, Nijmegen
    Het meten van best practices in de palliatieve zorg in Europa
  • Susanne Claessen en Anneke Francke, Expertisecentrum Palliatieve Zorg, Afdeling Sociale Geneeskunde, VU medisch centrum, Amsterdam i.s.m. NIVEL instituut, Utrecht
    De CQ-Index palliatieve zorg en kwaliteit van zorg: het perspectief van de zorggebruiker
Terug naar overzicht programma

  

24. Vrije presentaties: Zorgpad Stervensfase

Datum 24 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Vrije presentaties
Zaal AZIË
Voorzitter dhr. drs. S.J. Swart

Terug naar overzicht programma

  

25. Kenniscentra Palliatieve Zorg

Datum 24 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Themasessie
Zaal AFRIKA
Voorzitter dhr. prof. dr. K.C.P. Vissers

Terug naar overzicht programma

  

27. Workshop: STerven op je Eigen Manier (STEM)

Datum 24 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Workshop
Zaal 3/4
Workshopleider mw. M. van den Dool - Palliatief netwerk Midden Holland
Workshopleider dhr. B. Buizert - Stichting STEM

 

Praten over de dood is belangrijk en het zou een 'doodgewoon' onderdeel moeten zijn van zorg voor cliënten. Maar hoe geeft een mens daar vorm aan in de dagelijkse praktijk? In een praktijk waar patiënten mondiger worden, familie veeleisender, de werkdruk hoog is, collega’s veel in deeltijd werken en waarin je zelf ook nog wel allerlei gedachten hebt over de dood.

In de workshop STEM stippen we, interactief, begin(netjes)van antwoorden aan. Deelnemers maken kennis met de uiteenlopende manieren waarop mensen aankijken tegen en praten over de dood. Ook wordt in deze workshop aandacht besteed aan onze best practices bij verschillende organisaties.

 

Terug naar overzicht programma

  

28. V&VN Palliatieve Verpleegkunde

Datum 24 september 2010
Tijd 10.15 - 12.00 uur
Soort Themasessie
Zaal 4/5
Voorzitter

V&VN Palliatieve Verpleegkunde zal in deze interactieve sessie ingaan op specifieke aspecten in het verplegen van ouderen in de palliatieve fase. Speciaal voor deze workshop is de samenwerking gezocht met V&VN Geriatrie om te verdiepen in onderwerpen als pijn meten bij ouderen, depressie bij ouderen in de palliatieve fase en wetenschappelijk onderzoek naar het verplegen van oudere, palliatieve patienten. In deze sessie is er veel ruimte voor vragen en interactie met sprekers.

Terug naar overzicht programma

  

29. Palliatieve zorg bij ouderdomsziekten

Datum 24 september 2010
Tijd 13.00 - 14.00 uur
Soort Themasessie
Zaal EUROPA
Voorzitter

Terug naar overzicht programma

  

30. Vrije presentaties: geïntegreerde palliatieve zorg

Datum 24 september 2010
Tijd 13.00 - 14.00 uur
Soort Vrije presentaties
Zaal AZIË
Voorzitter dhr. prof. dr. K.C.P. Vissers


Terug naar overzicht programma

  

31. Diverse beroepsgroepen in de palliatieve zorg (Agora)

Datum 24 september 2010
Tijd 13.00 -14.00 uur
Soort Themasessie
Zaal AFRIKA
Voorzitter

 

*Palliatieve zorg bij ouderen– wat biedt het maatschappelijk werk?
De ouderdom brengt verliezen met zich mee op vrijwel alle levensgebieden. Het is een misverstand dat ouderen door hun grote levenservaring weinig problemen hebben met de verliezen die ze lijden. Door de stapeling van verliezen word je kwetsbaarder en kan het zijn dat je de kracht van weleer mist om de verliezen op te vangen. In de palliatieve fase komt de eigen dood naderbij, met de vragen die daarbij horen. Een integrale aanpak van problematiek zoals maatschappelijk werkers kunnen bieden is bij uitstek aan de orde voor ouderen. Praktische aandacht én aandacht voor de beleving zijn essentieel bij het omgaan met lichamelijke klachten, ondernemen van sociale activiteiten, mobiliteit, zelfredzaamheid, omgaan met eenzaamheid, emoties, rouw, afscheid nemen. Aan de orde komt wat dit in de praktijk van het werk betekent en welke speciale vaardigheden de maatschappelijk w erker inzet.
Namens de Agora werkgroep ‘maatschappelijk werk in de palliatieve zorg’

  • Karen Rutgers - van Wijlen (Stichting Amarant te Utrecht en Toon Hermans Huis Amersfoort)
  • Ruth de Kinkelder (UMC Utrecht)

*Geestelijk verzorgers in de palliatieve zorg
Adequate spirituele zorg valt of staat bij een goede samenwerking tussen de diverse zorgverleners. De afgelopen jaren is er voor de verschillende disciplines veel ontwikkeld op dit gebied. In deze bijdrage wordt kort geschetst wat geestelijke verzorgers in het kader van de palliatieve zorg hebben ontwikkeld en waar ze bij betrokken waren. De nadruk van de presentatie zal liggen op de verdere mogelijkheden die de geestelijk verzorgers zien om de palliatieve (spirituele) zorg verder te verbeteren, o.a. door deskundigheidsbevordering en ondersteuning van zorgverleners. Hierover wisselen ze graag met u van gedachten.

  • Joep van de Geer
  • Annemieke Kuin

*Geïntegreerde fysiotherapie
In dit onderdeel willen we aandacht besteden aan de volgende onderwerpen:
1. Wat heeft de fysiotherapeut te bieden in de palliatieve zorg
2. Welke competenties heeft de fysiotherapeut daarvoor nodig
3. Hoe wordt dat op dit moment vormgegeven in ‘het Gelderse Vallei’ gebied. 

  • Heleen Burghout
  • Jacob van den Broek
Terug naar overzicht programma

  

33. Workshop: omgaan met levensvragen van ouderen

Datum 24 september 2010
Tijd 13.00 - 14.00 uur
Soort Workshop
Zaal 3/4
Voorzitter mw. drs. M.D. Cuijpers - Expertisenetwerk Levensvragen en Ouderen

 
Het Expertisenetwerk Levensvragen en Ouderen verzamelt bestaande kennis en ervaring in zorg en welzijn over het omgaan met levensvragen bij ouderen en maakt deze landelijk beschikbaar. Daarnaast ondersteunt en stimuleert het netwerk innovatieve projecten gericht op geestelijke ondersteuning van thuiswonende ouderen. Tijdens de workshop leert de deelnemer waarom aandacht voor levensvragen in de palliatieve zorg voor ouderen belangrijk is en wat het Expertisenetwerk aan deskundigheidsbevordering te bieden heeft voor palliatieve zorgverleners.
 

Terug naar overzicht programma

  

34. Palliactief 2

Datum 24 september 2010
Tijd 13.00 - 14.00 uur
Soort Themasessie
Zaal 4/5
Voorzitter

Terug naar overzicht programma

  

Afsluiting congres

Datum 24 september 2010
Tijd 14.00 - 14.30 uur
Soort Plenaire sessie
Zaal EUROPA
Voorzitter

Terug naar overzicht programma